Menu
Publicaties
Door Dick van Ginkel

Ziet u alternatieven voor het RvT-model?

Rond governance is veel in discussie. Als je alleen al kijkt naar de publicaties die wekelijks op Lucide de revue passeren, lijkt er geen onderwerp te zijn dat niet in discussie is. Hoe krijgen we de RvT meer in positie? Hoe handhaaf je een goede balans tussen besturen en toezichthouden? Hoe maken we verbinding met de vele belangenhouders en de maatschappij? Hoe vertalen we maatschappelijke ontwikkelingen en verwachtingen in de governance? En bij die zoektocht focussen we ons op allerlei aspecten waarin verbetering gevonden kan worden: regels, codes, cultuur, competenties, interne werkwijze etcetera. Maar er is één aspect dat vrijwel niet ter discussie staat: het raad van toezichtmodel zelf!

Met zo'n bestuursmodel zou ik nooit een ziekenhuis willen besturen

In alle maatschappelijke sectoren hebben we in de afgelopen twee decennia een vergelijkbare ontwikkeling kunnen zien. Om met Keuning en Eppink te spreken zijn de oude modellen van executief bestuur, beleidsvormend bestuur en voorwaardenscheppend bestuur ontwikkeld naar het huidige RvT-model. Dat model is inmiddels de default geworden en staat niet meer ter discussie.

Die ontwikkeling is te begrijpen als je kijkt naar de criteria die altijd gehanteerd werden bij de keuze voor het bestuursmodel. De algemene redenering was dat een RvT-model - dat wil zeggen een RvT die zich meer op toezicht en advies zou concentreren met een bestuur dat de beleidsvorming voor zijn rekening neemt - past bij organisaties die groter, complexer en professioneler worden, met een omgeving die steeds dynamischer vormen aanneemt. Die ontwikkelingen hebben we natuurlijk kunnen zien in alle sectoren, ook de zorg. Wat dat betreft voldoet het model dus nog steeds.

Maar we zien ons ook geconfronteerd met nieuwe ontwikkelingen en uitdagingen. Er wordt meer van toezichthouders verwacht als het gaat om betrokkenheid bij de organisatie, verbinding maken met de omgeving (denk aan de term ‘Raad van Verbinding’ die Strikwerda vorig jaar als uitdaging formuleerde voor maatschappelijke organisaties), het kunnen formuleren en hanteren van een scherp toezichtkader, mede op basis van eigen informatie, etcetera. Allemaal zaken die nieuwe aspecten toevoegen aan de terms of reference voor een goede governance.

Naast deze nieuwe eisen komen er in de praktijk ook belangrijke nadelen naar voren. In de ziekenhuizen bijvoorbeeld uiten bestuurders de kritiek dat de RvT zich vaak laat gijzelen door specialistenmaatschappen die niet blij zijn met hun bestuurder. Daarom zeggen ondernemende types als Loek Winter ook dat ze onder een dergelijk bestuursmodel nooit een ziekenhuis zouden willen besturen. En geldt dit inmiddels ook niet voor andere zorginstellingen?

Ik wil mijn belangrijkste partners niet één keer per jaar spreken maar ze betrekken en committeren

Is het niet eens tijd om het automatisme van het RvT-model ter discussie te stellen? In een grote fondsenwervende organisatie heb ik een ervaren toezichthouder eens een hard pleidooi horen houden voor een bestuursmodel waarin alle belangrijke stakeholders een plek zouden moeten hebben. “Ik wil mijn belangrijkste partners niet één keer per jaar spreken in het kader van stakeholder management, maar ze betrekken en committeren bij de continuïteit van de organisatie”, was zijn redenering. Hij verloor, want zijn pleidooi paste niet in het RvT-model.

Ik heb geen pasklaar antwoord op de vraag die ik hier stel. Ik zie vooral een uitdaging in het verkennen van mogelijkheden. Wellicht een denkexercitie in de richting van een one tier model? Dat is wettelijk natuurlijk nog niet weggelegd voor stichtingen in het maatschappelijk veld, maar ik zou zeggen: “Waar een wil is … .” Wellicht is het ook interessant om de oude bestuursmodellen nog eens nader te bekijken. Als je de directiefunctie en de bevoegdheden die nodig zijn voor effectief bestuur goed borgt, zou dat dan ruimte bieden voor een andere invulling van het bestuursmodel en wat zou dat kunnen opleveren? Het kan ook goed zijn dat in het kader van de opdracht om onze organisaties meer te verbinden met de klant/cliënt, de denkrichting van coöperatief besturen een interessante is. En als verbinding met belangenhouders zo belangrijk en gewenst is, waarom dan niet zoeken naar bestuursmodellen waarin zij een nadrukkelijker plek hebben dan gekunsteld zoeken naar een vorm als stakeholdervergadering of ‘maatschappelijke raad’?

Wat denkt u? Is het RvT bestuursmodel nog steeds de beste keuze, of moeten we nadenken over nieuwe vormen die good governance beter kunnen faciliteren? In welke richting gaan dan uw gedachten? En vooral, waarom?

(Ook gepubliceerd op Lucide, 1 september 2016)